Published on 14/04/2011 by Jah Shakespear on Reggae.be

Als er een lijst zou bestaan van de beste Belgische reggaeplaten, zou deze wat mij betreft zo in de top 5 mogen, ergens tussen Uman, Pura Vida, Big Boatsia en Mighty Pirates. Zelden een album van hier gehoord dat zo goed klinkt en zo lekker swingt, een kleurrijk weefsel van vrolijke Afrikaanse reggae, slepende blues en vette rockaccenten.

Jupiter Diop had al een bescheiden carrière achter de rug in Senegal toen hij begin jaren 2000 neerstreek in Brussel. Hij verzamelde een groep Belgische muzikanten rond zich en richtte in 2005 Jupiter & Massive 5 op. Het gezelschap vindt algauw zijn weg naar (overwegend Brusselse en Waalse) podia en bouwt een sterke live reputatie op. In 2008 krijgt de groep de kans om een maand lang te toeren in Senegal en Gambia, een trip die een diepe indruk maakt en de verdieping en inspiratie levert voor dit eerste album.

De openingstrack Jahdieuf is ingetogen Afrikaanse blues à la Ali Farka Touré met een subtiel reggaeritme. De krachtige zang valt meteen op, maar ook het prachtige weerwerk van het koortje en de smekende gitaar. Met Thanks & Praises gaat Jupiter & Ma Shi Faï voluit voor de Afrikaanse rootsreggae zoals die in de jaren ’80 en ’90 gecreëerd werd door Alpha Blondy, Lucky Dube en mindere goden. We horen verfijnd percussiewerk, een akoestische gitaarsolo en opnieuw heerlijke backing vocals. Medeoprichter Johan ‘Mr Jo’ Serck kreunt mee op mondharmonica, een constante factor in alle songs en in hoge mate verantwoordelijk voor de bluesy vibe. Blij dat het kleinste van alle instrumenten eindelijk eens een prominente plaats krijgt op een reggaeplaat. Het hoeft niet altijd de melodica te zijn.

Serck excelleert ook in Hors des palais, voorzichtige rockreggae die geleidelijk op snelheid komt. In het nog jachtiger Bamba vloeien zang, instrumentaal stuk en dub mooi in elkaar. Praising Jah wordt gedragen door een zware, Far East-achtige baslijn die de fond legt voor een rijkelijk gearrangeerde en piekfijn uitgewerkte compositie. De gitaar mag weer heel even de rocktoer op, het koortje zingt andermaal wondermooi.

Xelkom is mij net iets te springerig. Maar wel een meezinger, die zelfs Mr Jo doet ontdooien. Zijn mondharmonica laat zich voor één keer gewillig op de melodie drijven. Jupiter heeft het over de Bayfall, de rasta’s van de Afrikaanse islam, met hun natuurlijke mystiek en verering van de voorvaderen. Het is een thema dat centraal staat in verschillende nummers, en dus ook in de verschillende talen die Jupiter hanteert: Frans, Engels en Wolof, soms door elkaar in dezelfde song.

Amini klauwt zich nog sterker vast in het hoofd, met een makkelijk refreintje en misschien nog meer door de denderende riddim, stijl Could you be loved. Xam Sa Bop is een beetje té pop, met die gemakkelijke bruggetjes en arrangementen. Het koortje redt alsnog de meubelen. Voor al uw backing vocals: Nicole Letuppe en Sylvie Nawasadio.

Beug dég deug dong wordt opgejaagd door geprononceerde jonkanoodrums en stevige rockriffs op gitaar. Het is een opwindende ode aan de internationale reggae van Bob Marley en Peter Tosh, door Jupiter Diop nadrukkelijk vernoemd en geëerd. Zoals alle tracks op dit album met mooi afgewerkt slotakkoord.

De enige echte Afrikaanse compositie op de plaat is Dieguelou, rijk geschakeerde afrobeat met Jupiter in topvorm. Duurt amper vier minuten maar neemt je wel mee naar verschillende dimensies. Geen reggae en misschien toch de beste track van het album.

In Fighting against weerklinkt de stem van wijlen Lucky Dube, militant en vastberaden, gericht tegen elke vorm van onderdrukking, vervuiling, onrechtvaardigheid en segregatie. Halverwege schakelt Jupiter over van Engels op Frans en zet de boodschap van eenheid en verzoening zo nog sterker in de verf. De tune is opgesmukt met aanstekelijke effectjes en een brok degelijke dub. Meer van dat (dub dus).

In de min of meer akoestische afsluiter Jahzaka horen we nog één keer die sterke, rijpe stem van Jupiter Diop en het verleidelijke sirenengezang van de dames Letuppe en Nawasadio. Maar er is plots ook een Spaanse gitaar die heel even een flamenco vibe doet oplaaien, en een viool, nog origineler dan een mondharmonica in de reggae. Het nummer doet me denken aan de Italiaanse Tribu Acustica op de plaat met Max Romeo, en ook een beetje aan het Nieuw-Zeelandse Salmonella. Wat voor mij echt wel schitterende referenties zijn.

Dit album werd gemaakt met steun van de Franstalige Gemeenschap. Welke reggaegroep gaat als eerste aankloppen bij de Vlaamse overheid voor subsidies?

Related Posts

  1. Today & Tomorrow – Tropicalidad.be
  2. review – Reggae als remedie bij Jupiter
  3. Jah zij geloofd met Jupiter & Ma Shi Faï
  4. Reggae at the crossroads